Een nieuwbouwwoning bevat bij oplevering veel water: in beton, kalkzandsteen, stucwerk en voegen.
Een nieuwbouwwoning bevat bij oplevering veel water: in beton, kalkzandsteen, stucwerk en voegen.
Een nieuwbouwwoning bevat bij oplevering veel water: in beton, kalkzandsteen, stucwerk en voegen. Dat bouwvocht verdampt in het eerste jaar of langer en maakt de lucht in huis vochtig. Ventileren en stoken helpen. Blijft het vocht na een jaar of zit het op één plek, dan speelt er meer.
Bijgewerkt op 13 oktober 2026Bij het bouwen gaat veel water mee: het beton van de vloeren en de fundering, de lijm en het stucwerk, en het metselwerk. In het begin zit er in een woning vele duizenden liters water in de constructie. Het droogt uit door langzaam te verdampen.
Dat vocht komt de lucht in en moet naar buiten, via ventilatie. Daarom beslaan de ramen in een nieuwe woning vaak veel sneller dan in een huis dat al jaren staat.
Hoe meer water er bij het bouwen is gebruikt, hoe langer het duurt. Een huis dat in de winter is gebouwd en dicht is gezet voordat de muren konden drogen, houdt meer vocht vast dan een huis dat in de zomer is opgeleverd.
Een gemiddeld nieuwbouwhuis heeft het eerste jaar nodig om het grootste deel kwijt te raken. Dikke betonvloeren en zware constructies doen er langer over, soms twee jaar. In de eerste winter is het vocht het zichtbaarst.
Je merkt dat het afneemt aan minder beslagen ramen en een frissere lucht. Neemt het niet af, dan speelt er iets anders.
Een nieuw huis droogt het best als het warm is en er goed wordt geventileerd. Warme lucht kan meer vocht opnemen, ventileren voert het af. Zet de verwarming niet te laag, ook in kamers die je weinig gebruikt, en laat de ventilatie altijd aan.
Zet de mechanische ventilatie op een hogere stand in de eerste maanden en zet roosters in de gevel open.
Het helpt om de eerste maanden de ramen regelmatig kort wijd open te zetten, ook in de winter. Vijf tot tien minuten tochten verlaagt de luchtvochtigheid veel sneller dan een raam dat de hele dag op een kier staat.


Plak of leg niets dichts op wanden en vloeren waar nog vocht in zit. Parket of vloerbedekking op een natte dekvloer kan opbollen. Plaats geen kasten dichtbij een buitenmuur zonder ruimte en schilder muren niet dicht met een dichte verf.
Wacht met schilderen tot de muren droog zijn; dat kan een tot twee winters duren.
Een nieuw huis heeft veel kitnaden. In het eerste jaar kunnen die krimpen of scheuren, vooral op plekken waar het huis zetting maakt. Controleer de naden in de badkamer, keuken en bij de ramen en laat ze zo nodig herstellen.
Dat is vaak onderdeel van wat je bij de aannemer kunt melden. Houd een lijstje met foto's en datums bij.
Laat bij het eerste onderhoud na het eerste jaar de kitnaden en de afdichtingen rond ramen en sanitair nakijken. Een kleine scheur in de kit lijkt onschuldig, maar laat bij nat gebruik water in de constructie trekken.
Zit er na een jaar nog net zoveel vocht, zijn er plekken waar het steeds terugkomt, of zie je vlekken die na regen groter worden? Dan kan er een lek of een koudebrug zijn. Een vochtonderzoek, vanaf € 150, laat zien wat het is.
Vocht dat na regen verschijnt, wijst op doorslaand vocht of een lekkende aansluiting. Dat is geen bouwvocht.
Een nieuwbouwwoning heeft bijna altijd een ventilatiesysteem: mechanisch afzuigen met toevoerroosters of een balansventilatie met warmteterugwinning. Dat systeem moet worden ingesteld en het filter schoon blijven.
Staat het systeem uit of op laag omdat het lawaai maakt, dan blijft het vocht binnen. Zie ventilatie tegen vocht.
Een eenvoudige tip: noteer één keer per week de luchtvochtigheid met een hygrometer, op dezelfde tijd en plek. Na een paar maanden zie je of het daalt en kun je een nuchtere afweging maken of er iets anders speelt.
Vochtklachten in de eerste periode horen bij de nazorg van de aannemer of ontwikkelaar. Meld ze schriftelijk, met foto's en de datum, en houd bij hoe het zich ontwikkelt. Dat helpt als het meer is dan bouwvocht.
Een onafhankelijk vochtonderzoek kan achteraf nuttig zijn als er verschil van mening is over de oorzaak.
Meld klachten liefst snel en schriftelijk, zodat duidelijk is wanneer ze begonnen. Een foto en een korte beschrijving met datum is vaak genoeg, en je hebt iets in handen als er later verschil van mening ontstaat.
Foto's van de plekken, het bouwjaar van de woning en de maand waarin je erin trok. Schrijf erbij welk ventilatiesysteem er is, hoe vaak het aan staat en of er plekken zijn waar het steeds terugkomt.
Het vakbedrijf kan inschatten of het bouwvocht is of dat meten aan huis nodig is. Zie vochtmeting aan huis.
De vragen die het vaakst gesteld worden, kort en eerlijk beantwoord.
Meestal een jaar, bij zware constructies tot twee jaar. De eerste winter is het zichtbaarst.
Liever wachten tot de muren droog zijn. Dat kan een tot twee winters duren.
Houd het huis gelijkmatig warm en ventileer goed. Dat helpt het vocht kwijt te raken.
Het kan door bouwvocht en te weinig ventilatie. Maak het schoon en pak de oorzaak aan.
Een vochtonderzoek aan huis met meetrapport kost vanaf € 150.
Stel in een minuut je offerte samen. Een vakbedrijf uit de provincie Utrecht neemt contact met je op en komt de situatie bekijken met een vochtmeting aan huis.
Stel je offerte samen Zo werkt het